6.2. Een mening geven

Je kan je mening duidelijk maken door gewoon te zeggen dat iets zo is, zonder duidelijk te maken dat jij het zo vindt:

  • Het is fantastisch!
  • Ze zijn niet sympathiek.
Maar: je kan ook laten merken dat je jouw of iemand anders z'n mening geeft.


Ik vind dat .........(subject) ..................... ................ (werkwoord)



Ik vind dat we onze kamer moeten schilderen.
 
Ik vind dat dat op deze school echt niet kan!
 
Ik vind dat je dat eerst aan mij moet vragen!


Ik vind ............... (iets/iemand) .................. (een kwalificatie)

 
Ik vind dat wel jammer!
 
Ik vind zijn nieuw kapsel eigenlijk niet mooi.
 
Ik vind dat voorstel onaanvaardbaar.


Ik denk dat .........(subject) ..................... ................ (werkwoord)

 
Ik denk dat ze beter een jaartje wachten.
 
Ik denk dat je je kind best naar die school kan sturen.
 
Ik denk dat ze ons nog wel zullen bellen.


Je gaat akkoord met iemand anders:

  X zegt ... (een standpunt). Ik vind hetzelfde als hij / zij.


Je gaat niet akkoord met de andere:

  X zegt: ... (het standpunt van X). Ik heb een andere mening.


Je hebt geen uitgesproken mening:

  X zegt: ... (het standpunt van X). Maar dat hangt ervan af.